Een toegankelijk team in de buurt. Dat is de basisgedachte achter het plan voor Stevige Lokale Teams (SLT). Dit team kent de wijk, kan zelf ondersteuning leveren en weet wat er beschikbaar is in de sociale basis. Daarnaast werkt dit team samen met het medisch domein, onderwijs en specialistische ondersteuning. Zo helpt een SLT inwoners snel de juiste ondersteuning te vinden en voorkomt dat er problemen ontstaan of groter worden.
Het SLT inrichten is onderdeel van de Hervormingsagenda Jeugd en gaat een cruciale rol vervullen in het sociaal domein in elke gemeente. Een belangrijk effect is bijvoorbeeld dat we de inkoop van specialistische hulp in de segmenten 3 en 4 jeugd kunnen afbouwen. Maar hoe krijgt het nu precies vorm en welke stappen zijn daarvoor nodig? Twee werkgroepen met vertegenwoordigers van de samenwerkende gemeenten zijn hiermee aan de slag. De ene werkgroep richt zich op de vorming van de SLT’s en de andere op de doorontwikkeling van segmenten 3 en 4. Een tussenstand van beide werkgroepen.
Werkgroep SLT: invullen begrip samenwerking
De werkgroep SLT is begonnen met het concretiseren van het begrip samenwerking. Het adviesrapport van Radar in 2024 stelde dat de doorontwikkeling naar SLT’s grotendeels een lokale aangelegenheid is, maar dat er ook kansen liggen in regionale samenwerking. De werkgroep is daarmee aan de slag gegaan en heeft de meerwaarde van regionale samenwerking op drie uitgangspunten benoemd en uitgewerkt.
- Herkenbaarheid en eenduidigheid in visie, taal en uitvoering
- Dit geeft duidelijkheid aan professionals, aanbieders én inwoners. Zorgt voor herkenbaarheid en een stevige positionering van het SLT over de gemeentegrenzen heen.
- Efficiënt en doelgericht inkopen
- Gezamenlijke uitgangspunten en kaders maken het mogelijk om betere afspraken te maken met aanbieders. Dit geldt voor jeugdhulp, Wmo-begeleiding, Beschermd Wonen en OAD. Hierdoor sluit het aanbod beter aan op de praktijk en wordt onnodige variatie voorkomen.
- Van en met elkaar leren en ontwikkelen
- Gemeenten en regionale partners kunnen veel van elkaar leren. Wat werkt in de praktijk? Hoe ontwikkelen teams zich? Hoe krijgt samenwerking met de sociale basis of het medisch domein vorm? Door kennis en ervaring te bundelen versnellen we de (door)ontwikkeling van de teams én de kwaliteit van de ondersteuning in de hele regio.
Met deze uitgangspunten is het waarom van de regionale samenwerking benoemd. De volgende stap is het concretiseren van deze drie uitgangspunten: op welke concrete thema’s gaan we dan samenwerken in het ontwikkelen van de SLT’s? In interviews met de samenwerkende gemeenten zijn de volgende thema’s verzameld:
– Cultuur en gedrag: Dit gaat om de manier van werken en denken in een SLT. Wat is de basishouding, welke waarden staan centraal, hoe ziet samenwerking eruit? Hoe geven we begrippen als normaliseren, positieve gezondheid en regievoering in de praktijk nu precies vorm?
– Toegang en mandaat: Hoe krijgen inwoners ondersteuning? Wat is het mandaat en de ruimte voor de teams? Hoe gaat de samenwerking met het medisch domein en Gecertificeerde Instellingen (GI’s) er precies uitzien? Regionale afstemming is belangrijk omdat inwoners en samenwerkingspartners vaak over gemeentegrenzen heen werken en leven.
– Borgen van specialistische kennis en expertise: Sommige hulpvragen vragen specialistische kennis die schaars is. Bijvoorbeeld jeugdbescherming, verslavingszorg of ervaringsdeskundigheid. Door deze regionaal in te zetten kunnen alle SLT’s deze kennis benutten.
– Collectief aanbod vanuit de sociale basis: Collectieve voorzieningen zijn belangrijk om snel te kunnen handelen op hulpvragen en de sociale samenhang te versterken. Er is veel overlap in behoeften van inwoners in de regio. Door samen aanbod te ontwikkelen, bijvoorbeeld op het gebied van mentale gezondheid, komen we sneller tot resultaten.
– Integraal werken 0-100: Integraal werken betekent ondersteuning over de volle breedte van het sociaal domein; van jeugd tot ouderenzorg, van participatie tot welzijn. Maar inwoners bewegen zich niet per definitie binnen de grenzen van deze domeinen en individuele gemeenten. Daarom is het belangrijk structuur, taal en werkwijzen op elkaar af te stemmen.
Met deze stappen is er meer duidelijk over het waarom en waarop van de samenwerking. De komende maanden gaat de werkgroep aan de slag met het hoe van de samenwerking.
Werkgroep doorontwikkeling segment 3 en 4: analyse hulpvragen
Het SLT gaat ook een rol spelen in het anders oplossen van hulpvragen die nu in segment 3 en 4 van de jeugdhulp aan de orde zijn. De werkgroep doorontwikkeling segment 3 en 4 heeft de afgelopen maanden de hulpvragen in de segmenten 3 en 4 voor jeugd in kaart gebracht. Welke vragen spelen daar in de praktijk, hoe gaan we daar nu mee om en hoe denken we daar in de transformatie mee om te gaan?
Per samenwerkende gemeente is met de lokale toegang op zeven veelvoorkomende hulpvragen over deze onderwerpen gesproken. De hulpvragen zijn: weerbaarheid en zelfbeeld, relatie en scheiding, opvoeding en gezinssituatie, veiligheidsvraagstukken, mentale gezondheid, ontwikkeling en gedrag en bestaanszekerheid. De uitkomsten zijn besproken in een regionale bijeenkomst. Daarbij blijkt bijvoorbeeld dat de meeste hulpvragen nu in de categorie ‘ontwikkeling en gedrag’ vallen. Daar zien de lokale medewerkers ook de meeste kansen om de inzet van niet-vrij toegankelijke specialistische jeugdhulp af te schalen. Bij veiligheidsvraagstukken bijvoorbeeld, zien ze daarvoor veel minder mogelijkheden.
Dezelfde vraag is ook voorgelegd aan de partners in het medisch domein en bij de GI’s. Het totaalresultaat is op 10 april gepresenteerd aan de huidige aanbieders in segment 3 en 4. In de maand mei zijn er werksessies gepland met de aanbieders, waarbij er per hulpvraag met 5 tot 8 aanbieders een verdiepend gesprek plaatsvindt. Het doel is om per hulpvraag een concreet beeld te krijgen van de kennis en expertise die in de toekomst bij specialisten moet worden ingekocht. Het betekent ook automatisch dat de andere aspecten van deze hulpvraag in het voorliggend veld en/of bij het SLT moeten worden opgepakt. De opbrengst van alle gesprekken moet leiden tot het opstellen van een inkoopdocument voor de dienstverlening in het huidige segment 3 en 4 per 2027.
Hulpvraag staat centraal
Afstemming tussen beide trajecten moet zorgvuldig gebeuren, omdat de opbouw van de SLT’s en de afbouw van specialistische ondersteuning in segment 3 en 4 naadloos op elkaar aan moeten sluiten. Doel van de transformatie is immers de ondersteuning van onze inwoners zo goed mogelijk te organiseren. Ook tijdens de verbouwing!
Voor meer informatie, neem contact op met Marjolein van Eggelen.















