De BRT corridor Tilburg – Loon op Zand – Waalwijk – Heusden – ’s-Hertogenbosch is 1 van de deelprogramma’s waaraan we de komende jaren werken. De betrokken gemeenten en de provincie investeren fors in maatregelen om het openbaar vervoer daar een boost te geven. Daarvoor is een projectorganisatie ingericht.
Hoogwaardig OV-systeem
Doel van dit deelprogramma is om voor de bewoners, werknemers en bezoekers van de regio te komen tot een hoogwaardig OV-systeem tussen deze gemeenten. Een systeem waarbij snelle busverbindingen ontstaan en waarbij de bus minder vaak stopt en met grotere regelmaat en betere doorstroming kan doorrijden. In het Engels: Bus Rapid Transfer (BRT).
Drie deelonderzoeken
Er is inmiddels een projectorganisatie opgericht. De stuurgroep ging 14 juni akkoord met het uitvoeren van drie deelonderzoeken in 2025. Dat zijn:
- verkenning welke kwaliteit en voorzieningen de BRT haltes moeten krijgen
- VRI-onderzoek (scan van 20 regelingen) om te kijken of de doorstroming van de bus op kruispunten beter kan
- onderzoek naar de rotondes en kleine doorstromingsmaatregelen. Ook is er groen licht voor het opstarten van een (lobby)traject om de bus op de langere termijn op de drukste stukken van de A59 op de vluchtstroken te laten rijden.
Ook is er groen licht voor het opstarten van een (lobby)traject om de bus op de langere termijn op de drukste stukken van de A59 op de vluchtstroken te laten rijden.
Brons-zilver-goud
Alle maatregelen die nodig zijn om te kunnen groeien naar een volwaardig BRT-systeem zijn eerder verkend en voorzien van een groeipad van brons naar zilver naar goud. We starten in de nieuwe OV-concessieperiode Oost-Brabant met maatregelen die passen bij brons. We willen 12,5 jaar later aan het einde van de concessie het gouden niveau hebben bereikt. Dan heeft de bus veel vaker vrijbaan. En dan zijn er haltes in de buurt van de belangrijkste werklocaties en de grootste busstations (mobiliteithubs) in de buurt van woningbouwconcentraties.
Meer informatie
Neem contact op met Ronald Soemers van de SRBT.















