In 2023 richtten acht gemeenten in Hart van Brabant en het Energiefonds Brabant samen het Publiek Ontwikkelbedrijf REKS (POB REKS) op. Het doel: als één overheid de regie pakken op grootschalige duurzame energie. Ruim anderhalf jaar later bespreken Eric Logister (wethouder Oisterwijk en voorzitter Stuurgroep REKS) en Magdeleen Sturm (directeur-bestuurder POB REKS) de ambities, lessen en samenwerking.
Laten we beginnen bij het begin: waarom heeft de regio in 2021 gekozen voor een eigen publiek ontwikkelbedrijf?
Eric Logister: “De belangrijkste reden is dat we in deze regio besloten hebben om te acteren als ‘één gemeente’. In sommige gemeenten is windenergie onmogelijk, bijvoorbeeld door natuurgebieden of vliegvelden. Als je de regio als één gebied ziet, dan kun je de opwek realiseren op plekken waar dat het meest logisch is, in plaats van per gemeente te moeten puzzelen.
Daarnaast wilden we de opbrengsten van de energietransitie in de eigen regio houden, bijvoorbeeld om te investeren in klimaatadaptatie. Een derde reden was de 50% lokaal eigendom waar wij naar streven. Het is lastig om dat bij commerciële partijen echt af te dwingen. Met een publiek ontwikkelbedrijf ben je daarvan verzekerd; juist in de risicovolle ontwikkelfase is POB REKS een partij die dat kan invullen. En bij exploitatie draagt POB REKS zo mogelijk over aan lokale partijen.”
Wat is het verschil in rol tussen de gemeenten en het Publiek Ontwikkelbedrijf REKS bij de ontwikkeling van duurzame energie in de regio?
Eric Logister: “De gemeente heeft twee functies bij energieprojecten. Enerzijds is er de ‘wethouder duurzaamheid’, die nadenkt over de maatschappelijke opgave: hoe zorgen we dat er in 2050 voldoende duurzame energie is? Anderzijds heb je de ‘wethouder vergunningen’ die zorgt voor een zuiver publiekrechtelijk proces waarin alle belangen worden afgewogen, ook die van bijvoorbeeld omwonenden en de natuur.”
Magdeleen Sturm: “Het Publiek Ontwikkelbedrijf REKS heeft een eigen rol. Wij zorgen voor de uitvoering van publiek beleid, binnen de kaders die gemeenten en provincie hebben opgesteld. We zijn de ontwikkelaar die kijkt waar binnen de aangewezen zoekgebieden in de regio kansen liggen, verwerven grondposities en ontwikkelen de projecten, net zoals een private partij dat zou doen. Maar we doen meer: we kijken ook naar kansen in de omgeving om bijvoorbeeld meer natuur te realiseren, of om met onze projecten een bijdrage te leveren aan waterberging. Dat kunnen we doen, omdat we de regio goed kennen.”
Gemeenten zijn aandeelhouder én vergunningverlener. Leiden die twee petten niet tot belangenverstrengeling?
Eric Logister: “Nee, want binnen de gemeente zijn die rollen gescheiden. Je kunt het zien als een ‘driehoek’, waarin elke partij een eigen rol heeft. Je hebt binnen een gemeente allereerst een maatschappelijke opgave die wordt ingevuld door de wethouder duurzaamheid en de beleidsafdeling. Daarnaast heb je de gemeente als aandeelhouder, met de wethouder deelnemingen. De derde partij is het Publiek Ontwikkelbedrijf REKS. Daarmee kan de gemeente als aandeelhouder zijn publieke doelstellingen realiseren. Binnen het College bewaken we dat onderscheid. Bovendien is het vergunningproces met alle waarborgen omkleed: de gemeenteraad kijkt mee, er zijn bezwaarcommissies en uiteindelijk kan ook een rechter toetsen of belangen goed zijn afgewogen.”
Magdeleen Sturm: “We voeren die discussie over de driehoek ook zoals de Raad voor de Leefomgeving en Infrastructuur (Rli) onlangs adviseerde. Die zegt dat het belangrijk is dat de overheid als aandeelhouder én als beleidsverantwoordelijke twee dingen vastlegt bij haar deelnemingen, zoals het Publiek Ontwikkelbedrijf REKS: welke publieke belangen moet de deelneming dienen en wat is het beoogde resultaat dat de deelneming hierbij moet nastreven?
In de aandeelhoudersvergadering gaat het over de gezondheid van het bedrijf en de bijdrage aan de publieke doelen die POB REKS levert. Buiten werken we samen aan dezelfde maatschappelijke opgave. Als POB REKS voeren we daarbij uit wat de gemeenten in hun beleid hebben vastgesteld. We zijn dus een instrument van de overheid, met een eigen verantwoordelijkheid.”
Jullie zijn nu ruim anderhalf jaar onderweg. Welke nieuwe inzichten zijn er ontstaan als het gaat om de opdracht en rol van het Publiek Ontwikkelbedrijf REKS?
Eric Logister: “Een belangrijk inzicht gaat over gebiedsontwikkeling. Bij de start dachten we dat het Publiek Ontwikkelbedrijf REKS de hele gebiedsontwikkeling van de energiehubs zou trekken. Daar zijn we van teruggekomen. Gebiedsontwikkeling is een brede publieke taak die bij de gemeente moet blijven. Het POB REKS moet zich focussen op de energieprojecten binnen de kaders van die gebiedsontwikkeling.”
Magdeleen Sturm: “Tegelijkertijd is onze blik verbreed. We kijken niet meer alleen naar windmolens, maar naar integrale energiehubs. Denk bijvoorbeeld aan energieopslag of afname door bedrijven die last hebben van netcongestie, maar ook aan mogelijkheden voor natuurontwikkeling, recreatie en wateropgaven in een gebied.”
Eric Logister: “Bij de oprichting wisten we al dat we gaandeweg zouden leren en waar nodig processen moesten bijstellen. We leren dus in de praktijk en bouwen de boot terwijl we varen. Dat is best bijzonder, want dat gebeurt niet vaak bij de overheid.”
Waarom zou een gemeente niet gewoon met een commerciële ontwikkelaar in zee gaan?
Magdeleen Sturm: “Wij zitten anders in de wedstrijd. Een private partij gaat misschien naar Delfzijl of de Achterhoek als het proces daar sneller loopt of als de businesscase daar gunstiger is. Wij blijven, want we zijn er specifiek voor deze regio en bouwen hier langdurige relaties op met de omgeving. Daarnaast nemen wij het ontwikkelrisico voor de gemeenschap, zodat lokaal eigendom later mogelijk wordt, zonder dat inwoners daarvoor eerst financieel risico lopen. We willen bovendien de energiehubs overdragen aan lokale partijen, voor een goede prijs. Dat kan een commerciële partij vaak niet op die manier bieden.”
Is het model van publieke ontwikkelbedrijven zoals hier de toekomst?
Eric Logister: “Het leeft enorm. Als ik op andere plekken ben, is de eerste vraag vaak: ‘Hoe gaat het met het Publiek Ontwikkelbedrijf REKS?’ In 2021 hadden we vooral aandacht voor de klimaatdoelen. Door geopolitieke ontwikkelingen en bijvoorbeeld netcongestie merken we dat het belangrijker is geworden om niet afhankelijk te zijn van andere landen voor onze energie en zelf regie te houden op de energietransitie. Een publiek ontwikkelbedrijf kan daar een belangrijke bijdrage aan leveren. Daarmee sluiten de ambities die we in 2021 hadden inmiddels misschien nog wel beter aan bij de wereld van nu dan we toen dachten.”
Magdeleen Sturm: “Het idee dat je als regio als één gemeente handelt en samen de lusten en lasten deelt, is uniek en waardevol. Lokale energiecoöperaties kunnen ook waardevol zijn, bijvoorbeeld als het gaat om lokaal eigendom. Maar zeker voor regio’s waar lokale energiecoöperaties nog niet sterk genoeg zijn om zulke grote projecten te dragen, is een publiek ontwikkelbedrijf een heel goed vehikel. Wij zijn een professionele partij met veel kennis en een goede gesprekspartner. Dat principe, daar kijken andere regio’s met veel interesse naar.”
Meer informatie
Kijk voor meer informatie over de Regionale Energie- en Klimaatstrategie op www.regio-hartvanbrabant.nl/REKS. Of neem contact op via reks@regio-hartvanbrabant.nl.
Dit artikel is een gezamenlijke publicatie van Regio Hart van Brabant en Publiek Ontwikkelbedrijf REKS en is ook verschenen op de website van Publiek Ontwikkelbedrijf REKS.


int(18178)













